Ga naar de inhoud

Een zachte berm

Len Borgdorff staat aan de kant

Menu
  • Home
  • Och heden
  • Foto’s
  • Nieuws
  • Aan de muur
  • Gedichten
    • Gedichten voor de ‘Kerst’
  • Iets anders
  • Tussen hier en daar
  • Links
Menu

Wij noemen hem Lamech

Gepubliceerd op 30/09/202630/09/2026 door Len Borgdorff

30 september 2026

Aan het begin van de Bijbel komen we Lamech tegen. Vanaf Adam en Eva gerekend zitten we dan in de zevende generatie van de mensheid. Daarvoor moeten we wel de lijn van Kaïn volgen. Deze man met een bedenkelijke reputatie was zijn oudbetovergrootvader, als dat het goede woord is. Voor de genealogie beschikken we over aardig wat primaire informatie over het gezin Lamech. Zo weten we dat hij twee vrouwen had: Ada en Zilla. In een lied noemt hij ze bij naam: ‘Ada en Zilla, luister naar mijn stem, vrouwen van Lamech, hoor mijn woorden aan: Voorzeker! Ik doodde een man om mijn wond en een jongen om mijn striem! Want Kaïn wordt zevenvoudig gewroken, maar Lamech zeventig maal zevenmaal.’ We lezen het in Genesis 4. Met Ada deelde hij zijn zonen Jabal en Jubal en met Zilla Tubal-Kaïn en dochter Naëma. Over zijn nazaten valt nog wat meer te vertellen, maar dat doen we niet. We houden het even bij Lamech. Doorgaans wordt hij afgebeeld met pijl en boog, wat betekent dat hij vooral als jager in zijn onderhoud voorzag. Zijn naam betekent de krachtige, maar dat dan niet in positieve zin. In tegendeel, Lamech was gewelddadig, meedogenloos, moordzuchtig. En hij was een afgrijselijke patser, want welke idioot beroemt zich er tegenover zijn geliefden op dat hij een man vermoordt omdat die hem een wond bezorgd heeft en een kind vanwege een striem. Tegelijk fluisterde hij met zijn woorden de figuur van Jezus, duizenden jaren later, in dat je niet zeventig maal zevenmaal moet wreken, maar juist

moet vergeven. Beiden waren blijkbaar niet wars van enige overdrijving, maar daarmee wordt wel duidelijk dat Lamech het absolute kwaad vertegenwoordigt. Zelf ben ik nooit iemand tegengekomen die naar deze bijbelfiguur vernoemd is en ook van horen zeggen ken ik de naam verder niet.

Lamech reist intussen al een leven lang met me mee, want zowel meester Van Beek als meester Rijper, wisten het jongetje dat ik was op een indrukwekkende manier kennis met hem te laten maken. Genesis vertelt ons dat Lamech 777 werd, maar niet of de man na zijn lied van zelfverheerlijking nog meer mensen om zeep heeft geholpen. Zou me niet verbazen.

Er zijn mensen in de wereld die er niet tegenop zien om nog verder te gaan. Ze doden niet mensen om een wond of een striem, maar ook om eventuele wonden en striemen te voorkomen. En omdat ze toch bezig zijn, pakken ze alle buurtgenoten, kinderen en kleinkinderen erbij. Je zou die mensen ook Herodes kunnen noemen, maar ik prefereer de naam van deze man uit Genesis. Waar buitenproportionele vergelding of haat door staatsmannen gelegitimeerd wordt, valt al gauw de naam Hitler. En dat ligt dan gevoelig. En dan gaan mensen daar wel tegenin. En dan gaat het niet meer om wandaden maar om het gebruik van woorden. Nazi, fascist, racist, rechts- of linksradicaal… Allemaal woorden die uitnodigen om bezwaar tegenaan te tekenen omdat ze uit hun historische context gerukt worden om een actuele situatie te duiden, waar een ander weer tegenin wil gaan. Ik opteer voor de naam Lamech en voor het woord Lamechisme als we het buitenproportionele kwaad willen benoemen waaraan mensen anderen menen te mogen opofferen. En dat is dan nog een eufemisme, want Lamech beroemt zich er niet op dat hij ook de buurman van het jongetje dat hem een striem bezorgde doodde. Staat tegenover dat Lamech wel 777 werd. Dat vind ik beangstigend oud voor zulke mensen

Zomaar wat plaatjes …

  • Contact
  • Privacy
© 2026 Een zachte berm | Aangedreven door Superbs Persoonlijk blog thema