17 juli 2025

Met die zonnebrillen en hun jasjes zien ze er wel een beetje uit als de Blues Brothers, zonder hoed dan, en in miniformaat, Klaas en zijn twee vrienden. Eigenlijk lijken ze juist helemaal niet op die ruige muzikanten die ooit gevangenissen en de bioscopen veroverden. Daarvoor zien ze er veel te netjes uit, veel te bedeesd ook. Komt nog bij dat niet zij de wereld bestormen, die wereld vliegt juist op hen af en zij moeten dat lachend en liefst met enige bravoure ondergaan. De school juicht de grootste kinderen toe en zwaait ze uit. Ze bestormden het podium van het Castellum, raceten joelend naar de Haarrijnse Plas en lieten zich door de juffen en meesters en wat enthousiasten allerlei lekkers van de barbecue op een bordje schuiven.
In werkelijkheid knalt er een grote vuist op neer op de klas die ze jaren zijn geweest waardoor zijzelf alle kanten op spatten, naar allerlei scholen, in de wijde omgeving. Ze proberen nog een ander krampachtig vast te houden, zoals deze drie jongens, maar er woelt van alles. Vanwege de nieuwe school krijgt Tommy binnenkort zijn kleinere zolderkamer en hij die van Tommy. Daar komt het bureau te staan dat nog van zijn overgrootmoeder is geweest. Hij krijgt een nieuw bed. De Lego wordt opgeruimd; daar deed hij toch al amper meer wat mee en hij moet iets met zijn knuffels. Daarvan zijn er heel veel en omdat er een tijd is voor alle dingen, zullen ook die eraan moeten geloven. In ieder geval de meeste, of een heel stel, of de helft, of iets minder en dan geleidelijk aan nog minder. Dat houdt hem bezig terwijl hij nu nog in zijn vertrouwde kamer in zijn eigen bed ligt. Nog wel. Eerlijk
gezegd hoefde hij geen nieuw bed en liever was hij op zijn kleine kamer gebleven en de tijd om afscheid te nemen van knuffels is dan misschien gekomen, maar hijzelf is zo ver nog niet. Er zijn wel dromen over later. Een groot voetballer zal hij nooit worden, heeft hij intussen begrepen, maar wel ziet hij af en toe een grote gele vrachtwagen passeren waarvan hij denkt: dat wil ik later ook, vrachtwagenchauffeur worden en dan van zo’n grote gele truck, maar hij ziet er tegenop om straks alleen op zijn fiets naar die andere school te moeten, de gele brug over, die drukke stad in. Om Grieks te leren.
Intussen krijgt Tommy zijn kamertje. Zíjn kamertje. En ook zijn bed. Klaas krijgt ook een bedbank, om te chillen en voor logés. Maar wil hij wel dat anderen op zijn kamer komen slapen, alsof hij bij zichzelf op visite is. Hij kan niet slapen en vrolijker wordt hij er niet op. Nu troost zoeken bij zijn knuffels is een gevoelig punt.
Als er dan toch iets moet gebeuren, zou hij liever net als Tommy na de vakantie overstappen van groep 3 naar 4. Toen was hij misschien wel het gelukkigst, toen hij zes was.
Er hoeft maar iets te gebeuren en hij ligt te huilen, weet hij. Hij zou natuurlijk uit bed kunnen stappen om naar papa en mama te gaan. Hij weet het niet. Het is al behoorlijk donker, maar de zonnebril die hij vanavond nog op hd toen hij over de rode loper op het schoolplein liep, de zonnebril die hem zo stoer maakte maar die hem ook beschermde voor al te indringende blikken, die zonnebril kan hij vanuit zijn bed zien liggen. Met dat ding op zijn neus komen de tranen wat minder snel en als ze komen, zien andere ze niet meteen. Er zijn nu geen anderen. Hij merkt dat hij een paar knuffels heeft gepakt. Dat gaat vanzelf.
* Dit verhaal is grotendeels ontsproten aan het hoofd van een opa die ooit overstapte van lagere naar de middelbare school.