Ga naar de inhoud

Een zachte berm

Len Borgdorff schrijft en fotografeert

Menu
  • Home
  • Och heden
  • Foto’s
  • Nieuws
  • Gedichten
    • Gedichten voor de ‘Kerst’
  • Iets anders
  • Tijdens de wandeling
  • Links
Menu

De week van de poëzie

Gepubliceerd op 31/01/202631/01/2026 door Len Borgdorff

31 januari 2026

Ze zijn alle twee zeven jaar en ze delen in elk geval de behoefte om iets vast te laten leggen. Graag komen ze op de foto. Met een nieuwe knuffel, met een gekke bek, met het hondje van de buren, of juist niet met dat hondje, maar dan wel alleen op de foto. Ik heb het over de neefjes Markus en Tommie. Vandaag beperk ik me even tot Tommie.

Vorige week bezocht ik met hem –  voor de hoeveelste keer zal dat al niet geweest zijn? – het Spoorwegmuseum. De Arend, een theatervoorstelling, de Vuurproef. Heel veel bezochten we deze keer ook niet, maar wél het Techlab. Dat scoort momenteel hoog bij Tommie, hoger dan bij de andere kleinkinderen, denk ik, al moet je Lukas niet uitvlakken. Tommie is een technisch wetertje, maar ook een kind dat op basis van de kennis die hij zojuist heeft opgedaan via een digitale meerkeuzeroute zowel het snelste en beste als het meest verkeerde en gekste treinmodel wil ontwerpen. Daarmee moet hij dan op de foto. Die foto’s moeten verstuurd worden. Dat doe ik dan.

Deze week bleven we thuis. We speelden onder ander galgje. Dat was dat. Toen ik even in de gang was, trof ik daar, ingelijst en aan de muur, een gedicht, ongetwijfeld van zijn hand. Hij had het bedacht en hij had het uitgeschreven op een stuk papier dat waarschijnlijk zijn vader of moeder in een lijstje had gestoken. Ik las dit:

De tijd tikt door maar
De kast niet de stoel niet
De tafel niet zou het niet
Leuker zijn als het alemmaal
Leevd

Het kon niet anders. Dit moest kunst van Tommie zijn. Ik was er even stil van en kort daarna erg trots en dat liet ik merken ook toen ik de kamer weer binnen ging. Tommie was gestreeld, want opa heeft iets met poëzie.

Je kunt je daarom afvragen waarom hij niet direct bij binnenkomst, toen ik hem van school had gehaald, naar zijn nieuwste creatie had gewezen. Dat had niet met bescheidenheid te maken. Hij dacht er gewoon niet meer aan. Zoveel achteloosheid kan hij zich permitteren als het gaat om zijn creatieve moment.

Over het gebrek aan leestekens had ik een opmerking kunnen maken, en ook over die spannende spelfout aan het eind; ik had kunnen zeggen hoe spijtig ik het vond dat het alemmaal voor een deel onder het passe-partout verdwenen was. Dat deed ik natuurlijk niet. Vragen daarover liet ik achterwege. In poëzie is het gebruik van hoofdletters aan het begin van elke regel een keuze van de dichter, zoals die ook de vrijheid heeft om leestekens te negeren. Daar kan een gedicht zelfs beter van worden, zij het niet per se. En was Leevd niet mooier dan Leeft?

Hier was een filosofische dichter aan het woord geweest, die om zich duidelijk en  overtuigend uit te drukken fenomenen en voorwerpen uit de werkelijkheid gebruikte die iedereen kent. De tijd, een tafel, kast, een stoel. Met die primaire begrippen verwoordde hij zijn verwondering en zijn hang naar het opheffen van beperkingen die het leven kent. Tegelijkertijd zag ik ze onmiddellijk voor me, de levende kast, de dito stoel en de kast die adem haalde.

Tommie glimlachte bij mijn complimenten. Leuk dat een ander zo onder de indruk was van zijn gaven, hijzelf keek er niet van op en bleef er bescheiden onder. Hij had het op school gemaakt. En ja, de juf had het ook mooi gevonden. Mooi. Lijkt me een understatement.

Zomaar wat plaatjes …

  • Contact
  • Privacy
© 2026 Een zachte berm | Aangedreven door Superbs Persoonlijk blog thema